Wie online op zoek gaat naar de actuele goudprijs komt naargelang de bron op hetzelfde moment soms verschillende cijfers tegen. Regelmatig komt dan ook de vraag terug welke goudprijs nu de correcte is. Het korte antwoord is: ze zijn allemaal correct, alleen hangt het af van welke prijs je precies bedoelt. Er is namelijk niet zoiets als ‘de’ goudprijs.
Een eerste onderscheid dat we moeten maken is dat tussen de fysieke markt en de termijnmarkten (het zogenaamde ‘papieren’ goud). De London Bullion Market Association (LBMA) is de globale hub voor fysiek goud. Daar worden in hoofdzaak staven van 400 troy ounce (bijna 12,5 kilogram) verhandeld. Gezien de omvang gebeurt de handel uitsluitend via professionelen. Er wordt twee keer per dag een fixing prijs vastgesteld (Londen am fix en pm fix) op basis van de ‘bied- en laat’ orders (bid & ask) van de verschillende marktpartijen.
Futures of termijncontracten worden op gereglementeerde beurzen verhandeld. De Comex derivatenbeurs, onderdeel van de Chicago Mercantile Exchange (CME), is de grootste. Ook de Shanghai Futures Exchange (SHFE) heeft de voorbije jaren aan belang gewonnen. De SHFE mag overigens niet worden verward met de Shanghai Gold Exchange (SGE) want dit is een fysieke markt waar geen termijncontracten worden verhandeld. Er zijn ook nog verschillende regionale beurzen zoals die van Japan, Dubai en India. Dat zijn vooral lokale markten. Op de beurzen noteren verschillende termijncontracten met telkens een verschillende afloopdatum. Er is altijd een ‘referentie future’ met de hoogste ‘open interest’ (aantal uitstaande contracten) en de hoogste liquiditeit. Op dit moment is dat de december future. De meeste termijncontracten worden doorgerold voor de afloopdatum naar een volgende contractmaand.
De spotprijs is de prijs voor levering op korte termijn en ligt meestal in de buurt van het termijncontract met de kortste afloopdatum. In principe zijn termijncontracten met een latere afloopdatum duurder. Dit is het contango principe waarbij net als bij andere grondstoffen de kosten voor opslag en verzekering worden verrekend. Dat is niet altijd het geval want bij fysieke schaarste is de markt bereid om een premie te betalen voor onmiddellijke levering. In dat geval kan de spotprijs boven die van de termijncontracten uitkomen. Een andere fysieke markt is die van munten en staven waar ook private beleggers actief zijn. De aankoopprijzen in de kleinhandel liggen hoger dan de spotprijs vanwege de fabricagekosten en de marges van de tussenpersonen. Daarbij is de regel dat hoe lager het gewicht, hoe hoger de premie. Op een goudstaaf van 10 gram zal de verkooppremie in verhouding dus hoger liggen dan bij een staaf van 1 kilogram. Hetzelfde geldt voor munten.
Er zijn ook talrijke derivaten gebaseerd op de goudprijs zoals trackers en hefboomproducten. Daarbij is het belangrijk dat de belegger ervan op de hoogte is welke prijs precies als referentie wordt gebruikt. Bij hefboomproducten met een stop-loss niveau is dat vaak de spotprijs die de klok rond wordt bepaald. Zo kan het voorkomen dat een bepaald prijsniveau bij goud wordt aangetikt buiten de handelsuren van het hefboomproduct zelf. Wie daar niet op de hoogte van is, kan voor verrassingen komen te staan.