De edelmetalen hebben het eerste kwartaal van 2021 met een negatief rendement afgesloten. Goud kijkt aan tegen een verlies van 8% in dollar en 5% in euro. Voor zilver is dit respectievelijk -6% en -1%. Het goedkoopste edelmetaal presteerde relatief gezien dus iets beter.

De belangrijkste verklaring voor deze prijsdaling is de stijging van de rente. Er is namelijk een sterke correlatie tussen de goudprijs en de reële rente of de nominale rente gecorrigeerd voor inflatie. De langetermijnrente zit sinds vorige zomer in een opwaartse trend maar de voorbije weken versnelt die beweging. De rente op de 10-jaarse Amerikaanse overheidsobligatie (Treasury) is sinds augustus meer dan verdrievoudigd. De negatieve Duitse 10-jaarse referentierente van de Bund is in dezelfde periode ruim gehalveerd van -0,65 naar -0,3 procent, wat de facto een verdubbeling is (minder negatief). Die hogere rente bracht ook een klim van de dollar met zich mee, wat op korte termijn negatief is voor goud.

De rente zit in de lift in anticipatie op een herstel van de globale economische groei door de talrijke stimuli van monetaire en fiscale overheden. De aantrekkende inflatie is een andere reden dat de rente stijgt. Alleen is die op dit moment nog bijna niet zichtbaar in de indexen van de consumentenprijzen door de manier waarop deze zijn samengesteld. Door de forse prijsstijging bij sommige grondstoffen - maar ook bijvoorbeeld containertarieven - zijn de producentenprijzen wel  gestegen. Eerder vroeg dan laat worden deze ook doorgerekend in de prijzen van eindproducten.

Een hogere nominale rente en een (voorlopig) stabiele inflatie leidt tot een aantrekkende reële rente, wat negatief is voor de edelmetalen als niet-rentedragende activa. De centrale banken zien de oplopende inflatiedruk voorlopig nog als een tijdelijk fenomeen.

Cruciale vraag is hoe ver de centrale banken de rente zullen laten oplopen vooraleer in te grijpen. Naast de impact op de historisch hoge schuld in het systeem (hogere intrestbetalingen) leidt een hogere rente ook tot strakkere financieringsvoorwaarden, wat niet bevorderlijk is voor de economie.

Goud bevindt zich in een technisch niemandsland zolang de steun rond 1680 dollar en de weerstand rond 1765 dollar niet worden doorbroken. Onder deze steun dreigt een nieuwe verkoopgolf terwijl de hedge funds en andere momentumspelers pas long zullen gaan als de weerstand is gesneuveld.

Positieve ontwikkeling zijn dat speculanten en hedge funds hun long posities hebben afgebouwd naar het laagste niveau in 2 jaar en 85% onder de top van februari vorig jaar. Cijfers van de World Gold Council laten zien dat de hoeveelheid goud onder beer van de ETF’s in 9 maanden niet meer zo laag was.